Tanzania is een bijzonder land. Wij reden de grens over en dan is plotseling alles anders. Overal tuktuks, kleine dorpjes met kleurrijk geklede vriendelijke mensen, veel stalletjes met lokale handel en volop bedrijvigheid langs de weg. De meeste toeristen komen vooral voor de natuur en het bijbehorend wildlife. Tanzania is echter zo divers. Zo heb je bergen (waarvan de hoogste berg de Kilimanjaro is), kraters en watervallen. Verder zijn er ook regenwouden met apen en kameleons, witte zandstranden, kraters en vergeet de vlaktes van de Serengeti niet! Tevens ligt Tanzania aan het grootste meer van Afrika, Lake Victoria, en heeft het verschillende eilanden voor de kust waarvan de bekendste Zanzibar is.

Enthousiast geworden? Hieronder alle antwoorden op jouw vragen over parken, geld, reistijd, een visum en een simkaartje.

Beste reistijd

De beste reistijd voor Tanzania is nog best een uitdaging. Het land is zo groot en divers en het ligt er maar net aan wat je in Tanzania gaat doen. Tanzania heeft een tropisch klimaat waarbij juni tot en met oktober en januari en februari de droge maanden zijn. In de maanden maart, april en mei is het ‘lange’ regenseizoen waarbij het per dag langer regent dan in het ‘korte’ regenseizoen in november en december. De temperaturen liggen overdag over het gehele jaar genomen tussen de 22 en 28 graden. Als je hoog in de bergen zit is het uiteraard koeler. Als je naar Tanzania komt voor de ‘Great Migration’ (de grootse trek van gnoes ter wereld) dan kun je die heel het jaar zien in de Serengeti. Alleen in de maanden september en oktober zijn de gnoes voor een groot deel in Kenia. Wil je een update van waar de Great migration op dit moment is houdt dan de website herd tracker in de gaten.

De parken in Tanzania

Er zijn zestien nationale parken in Tanzania. Het bekendste park in Tanzania is de Serengeti. Als je dit park bezoekt kom je eerst langs de Ngorongoro-krater. De doorsnede van de Ngorongoro-krater, 2 tot 3 miljoen jaar geleden ontstaan uit een vulkaan die zo’n 5 kilometer hoog moet zijn geweest, bedraagt 17 tot 21 kilometer en de rand ligt ongeveer 600 meter boven de bodem van de krater. Immens dus! Sinds 1979 staat de krater ook op de UNESCO-lijst als werelderfgoed en deze “nominatie” krijg je natuurlijk niet zo maar. Ook komen bijna alle in Afrika bekende dieren voor in de krater. Dit komt wel met een prijskaartje. Per auto betaal 250 US dollar extra om de krater te mogen. Heb je dit er niet voor over dan heb je ook nog één spectaculair uitzichtpunt waar je de kleurrijke krater van boven kunt zien en met een beetje geluk (en een verrekijker) spot je nog wild ook.

De naam Serengeti komt van het woord “Siringet” – Masai voor “open vlakte”- en die naam wordt volledig waargemaakt. Hoewel een aanzienlijk deel bestaat uit periodiek overstroomd gebied, bos en savannah draait het in de Serengeti vooral om een ding: gras met eindeloze vergezichten af en toe onderbroken door “kopjes”: rotsige uitstulpingen van 2,5 miljard jaar oud. Hier komen onder andere leeuwen, luipaarden en neushoorns voor. De Serengeti staat vooral bekend om de ‘Great Migration’. Als je over deze vlaktes rijdt weet je het zeker: Ik ben in Afrika. Bedenk wel dat er vooral veel touroperators zijn die het misschien iets minder idyllisch dan dat je het op de gemiddelde BBC documentaire ziet ;). De wegen langs de Ngorongoro-krater en Serengeti zijn overigens erg slecht (de slechtste die wij gehad hebben in Afrika) dus het is misschien meer ontspannen om met een tour mee te gaan.

Een minder bekend maar fantastisch park is Tarangire. Dit nationale park is de thuisbasis van de grootste olifantenpopulatie in Noord-Tanzania. Ook het glooiend bebost landschap met majestueuze vaak meer dan 2.000 jaar oude baobabs is schitterend. Je kunt hier zowel zelf rijden als een georganiseerde gamedrive doen.

Het paradijselijke Zanzibar

Als je al het wildlife hebt gezien biedt Tanzania een prachtige plek om te ontspannen. Zanzibar ligt namelijk op twee uur varen van Dar Es Salaam. Je kunt er zowel met de ferry komen als met het vliegtuig. De hoofdstad van Zanzibar is Stone Town. Het bijzondere aan deze stad zijn de kleine steegjes en de ouderwetse gebouwen die je doen denk aan lang vervlogen tijden. Ooit was dit een belangrijke handelspost voor Portugezen, Arabieren en Engelsen en dat merk je dan ook aan de stad. Veel cultuur en het feit dat je er eenvoudig doorheen kunt lopen maken het een unieke plek op het Afrikaanse continent. Verder zijn er prachtige zandstranden en heel veel resorts en boetiekhotels waar je uit kunt kiezen.

Visum

Voor Tanzania heb je een visum nodig. Je kunt dit zelf regelen bij de ambassade in Den Haag of je kunt het eenvoudig online regelen bij E-visums.nl. Dan ontvang je binnen vier werkdagen je e-visum per e-mail. Ze regelen niet alleen een visum voor Tanzania maar ook voor bijvoorbeeld voor een visum voor Kenia als je een bezoek wilt brengen aan een buurland.

Betaalmiddel in Tanzania

In Tanzania betaal je in Shilling (TZS). Je kunt in iedere (grotere) stad pinnen. Het kan zijn dat de banken buiten gebruik zijn dus zorg dat je altijd wel extra contant geld bij je hebt. Op alle geldautomaten staan stickers met welke kaarten je kunt gebruiken. Kijk wel even of je je pinpas op een ‘wereldprofiel’ hebt ingeschakeld zodat je in het buitenland kunt pinnen. De KCB bank werkte voor ons overigens erg goed doordat zij bij hun geldautomaten geen extra toeslag rekenden.

Overnachten in Tanzania

Tanzania is een land van lodges. Bijna overal zijn er lodges te vinden. Kamperen is nog niet heel mainstream in het land maar je vindt wel wat campings langs de hoofdwegen én bij toeristische trekpleisters. Als er geen ‘echte’ camping is kun je soms wel naast een lodge ‘kamperen’ en wordt een kamer of huisje geopend met douche en toilet.

Boodschappen doen in Tanzania

De grote Westerse supermarkten zijn schaars in Tanzania. Je hebt er een paar in de grote steden maar verwacht er niet heel veel van :). Het grote voordeel is echter dat je overal langs de weg de lekkerste soorten groente en fruit kunt kopen. Elk dorp verkoopt weer andere soorten. Je rijdt bijvoorbeeld eerst een dorp in met alleen maar kraampjes met tomaten opgestapeld en in het volgende dorp liggen er meer ananassen dan je kunt tellen (of eten). Je spreekt en steunt op deze manier ook nog eens de lokale bevolking. Die grote supermarkt wacht thuis wel weer op je. De kleinere supermarkten die er wel zijn hebben vaak alle basisdingen wel op voorraad en anders zijn er genoeg restaurants bij lodges om niet van de honger om te komen.

De wegen en de politie

Er ligt een redelijk goed wegennet in Tanzania. Houdt er alleen rekening mee dat je gemiddeld 50 km per uur rijdt. De wegen zijn namelijk dwars door de dorpjes aangelegd (of de dorpjes zijn om de wegen gebouwd) dus om de paar kilometer is de maximumsnelheid 50 kilometer per uur. Dit wordt streng gecontroleerd door de strak in het wit gestoken vrienden van de politie. Hoewel je vaak wordt gestopt en ze je proberen een boete te geven voor te hard rijden hoef je niet vaak te betalen. Blijf gewoon vragen om een bonnetje als je zeker weet dat je de maximumsnelheid niet hebt overtreden.

Simkaartje

Reis je door Tanzania dan kun je het beste voor Vodacom kiezen. In elke stad kun je dit krijgen bij iemand die onder een paraplu van Vodacom zit. Zorg dat je je paspoort bij je hebt voor de registratie van je telefoonnummer. Ga je dan alleen naar Zanzibar dan kun je beter Zantel nemen. Misschien is het overigens nog wel lekkerder om gewoon van het prachtige Tanzania te genieten.

Met al deze informatie rest er nog maar één ding: Go Wander Tanzania!

Geef een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *