Wanneer je ook maar iets van Namibië ziet, hoort of leest gaat het toch voornamelijk om de glooiende duinen die het land rijk is. Meer specifiek zie je op 9 van de 10 plaatjes van Namibië de duinen rondom de Sossusvlei. Wij hadden het geluk om dit vanaf de Sossus Dune Lodge te mogen beleven…

Dune 45

SossusvleiEerst reden we echter het nationale park binnen om de 45ste duin, ook wel Dune 45 genoemd, te bezoeken. Het is een vreemde gewaarwording om na honderden kilometers onverharde wegen om bij het park te komen ineens een prachtige asfaltweg te zien liggen. Deze asfaltweg gaat dwars door de duinen heen. De ene duin is nog hoger dan de andere en hoewel het allemaal zand is ziet elke duin er weer anders uit. Eén van de bekendste duinen is Dune 45. Deze duin ligt redelijk dicht bij de weg en is ook een mooie tussenstop op weg naar de Sossusvlei. Uiteraard zijn ook wij hier gestopt en hebben het hete zand getrotseerd voor een paar once in a lifetime foto’s.

Sossus Dune Lodge

De volgende dag reden we opnieuw richting het park. Zoals eerder beschreven sliepen we in de Sossus Dune Lodge. Dit was direct één van de mooiste huisjes waar we op onze reis hebben geslapen. Het huisje is gebouwd op een grote vlonder met uitzicht op de Sesriem Canyon. Omdat er nagenoeg geen lichtvervuiling is heb je ‘s nachts prachtig uitzicht op de sterrenhemel. Daarom tref je in het huisje ramen van de grond tot aan het plafond aan zodat je vanuit je loungestoel de sterren kunt bekijken.

Naast het geweldige huisje is er nog een groot voordeel van het slapen op deze lodge. Je kunt namelijk na zonsondergang en voor zonsopkomst het park in. Hierdoor heb je het allermooiste licht van de dag op één van de meest spectaculaire plekken van Namibië.

Zonsondergang bij de Sossusvlei

SossusvleiMet deze gedachte reden we om half vijf in de middag dan ook met zijn vieren in de richting van de Sossusvlei. De zon zou om 18.50u onder gaan dus dan waren we perfect op tijd om de duinen nog roder te zien worden vlak voor de zonsondergang.

Aan het eind van de asfaltweg was het nog maar een paar kilometer richting de Sossusvlei. Die paar kilometer bestond echter wel uit zand zo diep dat je er tot aan je knieën in weg kon zakken. De eerste twee kilometer gingen nog best lekker. Daarna kwamen we echter in een stuk zand terecht waar de auto geen trek in had: we zaten muurvast.

SossusvleiMet de zandladders, schep en gewoon de handjes in de aanslag begonnen we met graven. Na flink wat zweet en graven lukte het om 100 meter verder te rijden. Daar moesten we het ritueel echter herhalen. Uiteindelijk hebben we een keer of drie vastgezeten maar met flink graven en duwen wisten we de Sossusvlei toch te bereiken. Helaas was de zon inmiddels onder haha. We pikten slechts het laatste stukje zon op een hoge duin mee. Compleet onder het zand keerden we terug naar de lodge. Hoewel we niet het perfecte plaatje hebben geschoten hebben we wel een geweldig verhaal aan deze dag over gehouden.

Herkansing bij de Deadvlei

Na een heerlijk diner onder de sterren en een flink portie douchen was het een korte nacht. De volgende ochtend gingen Jolene en ik namelijk in de herkansing. Dit keer ging het ons lukken voor het opkomen van de zon. De bestemming was de Deadvlei, een vallei in de duinen met tientallen dode maar fotogenieke bomen.

Vlak voordat we de zandweg op reden lieten we onze banden flink leeglopen, schakelde we de ‘low gear 4×4’ stand in en trokken we hem in de tweede versnelling met gemak door het zand heen! Als eerste die dag kwamen we bij de Deadvlei aan. Daar werden we opgewacht door een Gemsbok (ook wel oryx genoemd) en de schitterende Deadvlei. Kan het nog mooier?

Geef een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *