Na 17 dagen de meest uiteenlopende dingen gezien te hebben in Kruger was het tijd om te vertrekken. Nadat we de campings in het zuiden, wilde honden, Tsendze en de Big five hadden gezien sloten we Kruger af in Punda Maria. Op de campsite van Punda Maria is er aan de andere kant van het hek een water hole aangelegd. Omdat het gebied zo droog is komen hier enorm veel dieren op af. Dit betekende dat we tientallen olifanten over de vloer hadden. Heerlijk om vanuit je luie stoel te kijken welke dieren er allemaal dorst hebben.

Van Punda Maria naar Zvakanaka Campsite

Toen we de auto instapten om in Westelijke richting naar Zvakanaka Campsite te vertrekken besloot het weer om onze auto goed schoon te maken. Met andere woorden: het was enorm nat en we waren blij dat we in de auto zaten. We moesten echter nog wel wat inkopen doen en besloten dat in Thohohoyandou (leuk woord voor Scrabble) te doen in de Thavhani Mall. Dit relatief nieuwe winkelcentrum had zo’n beetje alles wat we nodig hadden (voornamelijk eten 😉 ). We hadden ons alleen niet gerealiseerd dat het zaterdag was en dat heel Thohoyandou ook in die mall te vinden was. Als snelle lunch besloten we de Spurs in te lopen, een soort steakhouse met Western thema. Toen we daar zaten begonnen ze ineens allemaal dansjes te doen, heel apart.

De oase van Zvakanaka

Jolene was via de Getaway, een Zuid-Afrikaans reismagazine, op de camping van Zvakanaka gekomen. Na een kort belletje kregen we de instructies om binnen te komen via de mail. De code die in de mail stond bleek te kloppen en wat we na de poort zagen was niet te geloven. Een soort bos met daarin allemaal bordjes die je naar een plekje wezen. Uiteindelijk kozen wij voor ‘Sam’s place’ met uitzicht op de Soutpansbergen. Dit schitterende plekje had een overkapping met een oven, vers bronwater, gaspitjes en elektriciteit (waar je best blij mee bent met al die apparaten die wee mee sjouwen).

Gail & Alistair: de eigenaren van Zvakanaka

Toen wij aan het uitpakken waren kwam Alistair, één van de eigenaren van de campsite, langs. Hij had direct allerlei tips voor ons om te bezoeken in Zuidelijk Afrika. Na driftig meegeschreven te hebben besloten wij een vuurtje te maken en zaten we in een klein beetje miezer te genieten van het vuur. Dit was ook de eerste keer dat ik hout heb gehakt om het vuur aan te houden. Beetje macho maar best leuk om te doen.

De volgende dag hebben we een en ander gepland voor onze reis in Namibië. Er was prima internet dus konden we even meters maken. Nadat we de kopjes terug wilden brengen naar Gail & Alistair werden we uitgenodigd voor een glas wijn. Dit werden er uiteindelijk een stuk of vijf waarna we ook nog werden uitgenodigd voor het eten. Er schoven nog een aantal vrienden aan die vanuit Zimbabwe de grens waren over gestoken en plots zaten we daar met zijn achten. Enorm gezellig en super gastvrij.

De eerste dronevlucht op het zuidelijk halfrond

Het was diezelfde middag dat we over onze reis en de manieren van geld verdienen spraken. Toen kwamen we op mijn drone en mocht ik een klein rondje vliegen over het erf. Naast de campsites hebben ze namelijk twee schitterende huisjes midden in het bos. Ook zijn er diverse wandelpaden over de berg dus dat was perfect om mijn drone te testen. Ik bood toen aan om een promofilmpje te maken van hun erf voor Facebook.

Zo gezegd, bijna zo gedaan. De volgende dag brak de zon door en begonnen we te ‘dronen’. Na een minuut of vijf was er een gedenkwaardig moment: de eerste crash ooit. Ik vloog iets te laag en iets teveel naar links maar uiteindelijk kwam alles nog goed. Het eindresultaat stemden Gail & Alistair in ieder geval tevreden. Jullie mogen zelf oordelen 🙂 :

Geef een Reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *